Advertisement
   Doorzoek de site
   
1: Home2: gynaecologe & prof3: Politica4: Auteur5: ICRH6: Marleen7: Agenda8: Contact9: Nieuwsbrief

Bloemetjes, bijtjes en baarmoeders Afdrukken E-mail
03/03/2011
bijtje.jpgCommercieel draagmoederschap moet zonder meer verboden worden, vinden Marleen Temmerman, Ignaas Devisch en Myriam Vanlerberghe. Wel kan draagmoederschap onder strikte voorwaarden toegelaten worden: in een beperkt aantal centra, onder professionele begeleiding van artsen, juristen, psychologen en ethici. Lees hun opinie hierover in De Standaard van 3 maart.

Bookmark and Share  

Draagmoederschap veroordelen omdat het zou voortspruiten uit het verlangen van ouders om hun kinderwens te bevredigen, is niet correct. Zo stelde Kathleen Vereecken in deze krant (DS 18 februari) 'soms is een kinderwens zo prangend dat ze een obsessie wordt. Het verlangen wordt gepromoveerd tot recht. () Een kind heeft recht op ouders. Ouders hebben geen recht op een kind'. Kinderen krijgen is inderdaad geen mensenrecht, het is wél een sterk verlangen van de meeste mensen. Niet bij iedereen gaat het even vlot.

Even terug in de recente geschiedenis. In 1978 werd Louise Brown geboren; de eerste proefbuisbaby, die inmiddels zelf een kind kreeg op natuurlijke wijze. De wereld hield de adem in. Onvruchtbare vrouwen konden tóch zwanger worden en dat allemaal dankzij de hulp van snel evoluerende wetenschappelijke technieken. De ethische politie had vlug een oordeel klaar: ingrijpen in de natuur, dat kon toch niet? We hadden toch de pil al, donorinseminatie en nog een aantal technieken met een succesvolle impact op de voortplanting. Maar in-vitrofertilisatie, was dat niet een beetje god spelen? De discussie over het 'recht op een kind' laaide hoog op. Ondertussen zijn er vele duizenden IVF-baby's geboren. Niemand stelt dit 'recht' nog in vraag.

Dringende bevrediging

Veel mensen die naar kinderen verlangen zijn gezegend door de natuur. Ze kunnen zonder complicaties hun kinderwens vervullen. Bij anderen staat iets diezelfde wens in de weg: medische redenen of seksuele geaardheid bijvoorbeeld. Het is ongelukkig om juist die mensen te bestempelen als ethische primaten die louter uit zijn op de dringende bevrediging van hun wensen. Vervolgens worden die wensouders en hun kroost nog eens met een mentale dreun afgeserveerd door hun aspiraties en afspraken met een draagmoeder te vergelijken met de wijze waarop je een product aanschaft in de supermarkt.

Is de realiteit niet het tegendeel? Mensen die kiezen voor een vruchtbaarheidsbehandeling, draagmoederschap inbegrepen, zijn vaak meer bewust bezig met hun verlangen naar een kind dan ouders die spontaan zwanger worden. Ze maken een lang en moeilijk proces van bewustwording en verlangen mee, want het is nu eenmaal geen alledaagse beslissing. Helaas hebben niet alle kinderen het geluk om zulke ontvankelijke ouders te hebben.

Dat draagmoederschap dilemma's oproept, is zeker juist. Maar dat is geen argument om reflectie en regelgeving uit de weg te gaan. Het plaatst ons juist voor de uitdaging om er goed over na te denken en een afdoende en adequaat wettelijk kader te voorzien. Draagmoederschap is nu in ons land gewoon niet wettelijk geregeld. Hoe gaat dat dan? Wat niet wettelijk verboden is, is toegelaten. Mensen gaan op zoek naar technieken om kinderen te krijgen en manoeuvreren zich zo vaak in een kwetsbare positie. Een wet is vooreerst noodzakelijk om het commercieel draagmoederschap te verbieden. Daarna moet draagmoederschap onder bepaalde voorwaarden en in goed omschreven omstandigheden toegelaten worden. Het mag enkel mogelijk zijn in een beperkt aantal centra, waarbij professionele equipes van artsen, juristen, psychologen en ethici instaan voor de vereiste ondersteuning en begeleiding. De belangen van het kind, de wensouders en de draagmoeder en haar omgeving moeten daarbij voorop staan.

Alimentatie van een spermadonor

Opmerkelijk is dat in de marge van dit debat de roep naar recht op kennis van afstamming gevoerd wordt. In het geval van draagmoederschap zijn de kinderen de genetische afstammeling van minstens één van hun biologische ouders en rijst die vraag niet. De draagmoeder heeft haar lichaam ter beschikking gesteld maar heeft geen biologische band met het kind. Het recht op kennis van afstamming zal eerder onderwerp van discussie zijn in het geval dat de kinderen geboren worden uit gametendonatie (kunstmatige inseminatie met donorsperma of/en eiceldonatie), technieken die dus al jaren maatschappelijk aanvaard zijn. Kan hier het recht op kennis van afstamming gelden? In landen waar dat recht wettelijk vastligt heeft dit geleid tot het stilvallen van de donorinseminatie. Sperma geven om onvruchtbare mensen te helpen, prima, maar wie wil 20 jaar later enkele onbekende tieners aan de voordeur met de vraag: 'dag pa, ik heb geld nodig, kan jij mij helpen?'

Dus ja, laten we het maatschappelijk debat over draagmoederschap openen. Luidkeels 'lalala' roepen met de handen op de oren gedrukt, zal niet helpen als er de komende maanden weer een koppel in de problemen komt, omdat een draagmoeder geen afstand wil doen van het kind dat ze voor hen droeg.

MARLEEN TEMMERMAN, IGNAAS DEVISCH EN MYRIAM VANLERBERGHE

  • Wie? Diensthoofd vrouwenkliniek UZ Gent en SP.A-senator, prof UGent en voorzitter van de Maakbare Mens, specialist bio-ethische dossiers en kamerlid (SP.A).
  • Wat? Het debat over draagmoederschap moet gevoerd worden en de toepassing welomschreven wettelijk geregeld.
  • Waarom? De realiteit van de kinderwens dwingt ons ertoe.

 

Bron: De Standaard, donderdag 3 maart 2011

Zie ook:

 

< Vorige   Volgende >



Bookmark and Share

1: Home / 2: gynaecologe & prof / 3: Politica / 4: Auteur / 5: ICRH / 6: Marleen / 7: Agenda / 8: Contact / 9: Nieuwsbrief